Ik dacht altijd dat je bij een depressie de hele dag in bed lag. Waarschijnlijk zijn er ook mensen met een depressie waarbij dat zo is. Maar een depressie heeft vele gezichten en de uiting ervan kan per persoon verschillen. En ook per fase. Soms zou ik dat eigenlijk ook wel willen, onder de dekens kruipen en alles negeren. “Go for it” zou je zeggen, maar het lukt me niet. In de eerste weken thuis mocht ik in de ochtend blijven liggen, manlief deed de broodtrommels en bracht de kinderen naar school. Na een tijdje merkte ik dat dit niet voor mij werkte, ik ben namelijk een ochtendmens. Dus ik maakte de ‘deal’ dat ik gewoon de broodtrommels enzo doe en dat hij de kinderen naar school brengt en dan meteen door naar zijn werk. Dan had ik de ochtend om rustig op gang te komen, naar yoga of sportles te gaan, of gewoon een keertje voor me uit te staren. Waarschijnlijk is dat laatste mijn versie van ‘in bed blijven liggen’, kan gerust een tijdje duren..

Lekker doorgaan

Wat ik wil zeggen: ogenschijnlijk ‘functioneer’ ik prima. Ik sta op, doe de dingen die moeten gebeuren binnen een gezin en heb normale sociale interacties. Het is me dus ook vaak genoeg gebeurd dat mensen die hoorden dat ik ziek thuis zit tegen me zeiden “maar je ziet er goed uit!”. Of “ik merk verder niets aan je”. Nee, dat klopt. Dat is namelijk een grote kwaliteit van me: gewoon lekker doorgaan en niemand laten merken dat er iets aan de hand is. Of moet ik het juist mijn valkuil noemen? Waarschijnlijk is het beiden.. Want elke kernkwaliteit is verbonden met een valkuil of een allergie.

Kernkwadrant

Ik weet dat want ik geef daar les in.. Heb ik het met mijn psycholoog ook eens over gehad: als ik alles wat ik mijn studenten leer in lessen Persoonlijke Ontwikkeling nou zelf ook eens zou doen.. Wat je weet en wat je doet blijkt dus niet logisch en automatisch verbonden, bummer. Iets met theorie en praktijk, dat eerste is echt mijn ding zullen we maar zeggen. Dat tweede is work in progress..

kernkwadrant voorbeeld

kernkwadrant voorbeeld

Om terug te komen op die kernkwaliteiten: die kun je dus in kernkwadranten zetten. Zie uitleg hierover bijvoorbeeld op deze pagina. In het plaatje hiernaast zie je een ingevuld voorbeeld: als je kwaliteit ‘flexibiliteit’ is, zou je daarin kunnen doorslaan richting ‘chaotisch’. Dat gebeurt meestal in tijden van stress, wanneer je niet helemaal je beste zelf bent. Jouw uitdaging ligt dan in meer structuur, waarschijnlijk ervaar je het als prettig als je met een gestructureerd persoon samenwerkt. En meer structuur kan voorkomen dat je doorslaat richting chaos. Maar zo’n persoon die heel gestructureerd is kan juist weer doorslaan naar starheid, dan is iemand met geen mogelijkheid mee te bewegen. Zijn/haar uitdaging ligt dan juist in jouw kwaliteit: meer flexibiliteit.

Handig

Echt een nuttige tool om uit te pluizen waar de pijnpunten zitten, maar vooral ook waar juist je kwaliteiten schuilen. Meestal weten mensen heel goed te vertellen waar het er bij hen aan schort. Als je een simpel kernkwadrantje invult zie je dat er een kwaliteit achter schuil gaat, top! Als je dan dáár een keer op focust kunnen er mooie dingen gebeuren. Je leert jezelf in ieder geval wat beter kennen.

Of een ander, want het is bijvoorbeeld ook heel handig bij conflicten: als je onderzoekt welke kwaliteit er schuilt achter iets waar je je bij een ander aan ergert (allergie) dan ga je misschien (hopelijk) anders naar diegene kijken. Meestal is die kernkwaliteit van een ander een uitdaging voor jou, iets waar je jaloers op bent of iets wat je in anderen bewondert.

Kampioen

Die valkuil van mij dus, keeping a straight face, alles ‘weglachen’, doorgaan als ik me eigenlijk rot voel, is een actieve bijdrage aan mijn depressie. Ik doe dat namelijk niet alleen voor de buitenwereld, maar ook naar mijzelf. Want op zich: als ik niet wil laten zien dat het niet lekker gaat aan de buitenwereld dan kan dat gewoon een keuze zijn. Jezélf voorliegen is niet handig, destructief zelfs. Dat is zwaar over je grenzen gaan en ontkennen wat jij als persoon, fysiek en mentaal, nodig hebt. Ik ben daar een ware kampioen in. Maar voordat we de champagne open ploppen is het misschien beter om te achterhalen waar dit geintje vandaan komt. Ik kan er een ABC’tje tegenaan gooien, maar misschien kom ik er al mijmerend ook uit.. Deze valkuil heb ik namelijk al heel lang en ik denk dat het de keuze voor de makkelijkste weg is. Soms is opgeven namelijk veel moeilijker dan doorgaan. En moediger ook. Want bij opgeven moet je aan jezelf toegeven dat je ‘gefaald’ hebt, dat het niet is gelukt. En vaak is of lijkt het traject van opgeven veel ingewikkelder dan lekker doorgaan.

Windkracht 8

Om een simpel voorbeeldje te geven: ik heb ooit de ‘Waal on wheels’ (een skate/skeeler-tocht) gereden terwijl het windkracht 8 was. Als je weet dat de route op een dijkje langs de Waal richting Nijmegen ging dan kun je er misschien iets bij voorstellen als ik zeg dat het best pittig was.. Zwaar understatement. En het was ook eigenlijk niet meer zo leuk, terwijl dat de insteek was. Toch ben ik, samen met een vriendinnetje, doorgegaan tot de finish. Want opgeven zat niet in mijn systeem en daarnaast moest je dan heel ingewikkeld een stuk lopen naar de weg en dan met een bus naar de finish en.. ook nog eens toegeven aan dat vriendinnetje dat ik het niet volhield. Nou ja, ik vond dat maar lastig. Het was veel ‘makkelijker’ om met veel pijn en moeite, gevloek en gezucht naar Nijmegen te skaten. Toegegeven: de sfeer onderweg was natuurlijk hilarisch, iedereen zat in datzelfde schuitje en eenmaal bij de finish voelde je de trots van de prestatie die je geleverd had. Toch voelde het minder goed dan het zou moeten voelen omdat ik de prestatie om de verkeerde reden had gedaan. Ik besefte dat ik over mijn grens was gestapt.

Waarom dan toch

En zo zijn er vele voorbeelden van momenten waar ik de makkelijke moeilijkste weg kies, als je begrijpt wat ik bedoel. Toch ja zeggen tegen die taak op mijn werk, terwijl ik voel dat het niet goed zit, de 4daagse van Nijmegen uitlopen met 2 ontstoken scheenbenen, het project zelf doen in plaats van taken te delegeren, sociale bezoeken doen waar ik tegenop zie.. Het is natuurlijk niet altijd heul erg, soms is even doorzetten prima en valt het achteraf best mee. Maar dan moet je het niet zo grootschalig doen als ik, want dan blijft het zich opstapelen. Waarom ik dat doe? Leuke vraag en een lastig antwoord. Ik begeef me daarmee op glad ijs, want ik blink niet uit in mildheid naar mezelf. Er zit een soort prestatiedrang in mij die ik al van jongs af aan heb, gecombineerd met of gestimuleerd door een faalangst, bang om niet te voldoen aan verwachtingen van anderen, maar vooral die van mijzelf: #superwoman… Ik was toch die alleskunner?

Falen of leren?

Waar ik nu langzaam naartoe werk, nu ik meer en meer het besef heb van mijn gedachtenkronkels, is dat ik het woord ‘falen’ vervang door ‘leren’. Als iets niet gelukt is dan heb ik niet gefaald, maar geleerd. Je ziet direct verschil: falen is negatief, leren is positief. Dat maakt het toegeven naar mijzelf een stuk makkelijker en automatisch de stap om dat te communiceren naar de buitenwereld ook. Dan hoef ik geen straight face meer te hebben, maar een open en eerlijk gezicht. Dan kan ik vriendelijk doch dringend en dwingend aangeven dat ik het niet kan en niet wil doen.

Dat ik er dan misschien nog steeds goed uitzie, ondanks mijn depressie, dat is dan mooi meegenomen, bij voorbaat dank mensen! En als iemand tegen me zegt “ik merk eigenlijk niets aan je” dan kan ik antwoorden dat schijn bedriegt.

Of het kan zijn dat het op dat moment gewoon lekker gaat, ik heb ook zo mijn momenten. Steeds meer zelfs, door de opgedane inzichten en meer mildheid naar mijzelf. En dát maakt mij #superwoman!